Vervolg: De Sint Willibrordus Stichting: een historische schets
Hoewel de Sint Willibrordusstichting voor zijn tijd als een moderne, vooruitstrevende inrichting gold, was het toch een klassiek psychiatrisch ziekenhuis. Dit betekende dat 'het gesticht' als een kleine maatschappij werd beschouwd: mensen die ernstig in hun gedrag en beleven waren gestoord werden verwijderd uit hun eigen milieu, opnames vonden plaats in een geïsoleerd instituut.
Er werden biologische en actieve behandelingswijzen toegepast.
Biologische behandelmethoden bestonden onder meer uit hydrotherapieën, koortstherapieën, slaapkuren, convulsie-therapieën en (vanaf 1953) kuren met psychofarmaca.
Hydrotherapie probeerde patiënten te kalmeren via langdurige warme baden, tot vier uur per dag. Om te voorkomen dat de huid volledig verweekt zou worden, werden de patiënten met vaseline ingesmeerd.
Bij koortstherapieën werden patiënten opzettelijk besmet met malaria, met koortspieken als gevolg. De bedoeling was dat het bedreigde lichaam de psyche zou helpen zich teweer te stellen tegen bedreigingen.
Een slaapkuur betekende dat mensen dagenlang niet bij hun positieven kwamen. Als ze 's ochtends een beetje bijkwamen, werden ze verschoond en kregen ze weer een medicijn toegediend om onder zeil te gaan. De kuur was erop gericht om lichaam en geest tot rust te brengen.
Convulsie-therapieën of shocktherapieën probeerden effect te sorteren via electroshocks en medicijnen-shocks.
Psychofarmaca zijn medicijnen die inwerken op de psyche. De werking leek goed, maar patiënten werden er mede door te grote doses ook versuft door. De tegenwoordige anti-depressiva hebben een veel specifiekere werking.
De actievere therapieën waren niet gericht op het beïnvloeden van de lichamelijke conditie, maar op het scheppen van een psycho-sociaal klimaat. Aandacht voor elkaar, het (leren) geven om anderen en het gezamenlijk hebben van plezier stonden centraal en werden bevorderd door georganiseerde arbeid, ontspanning, films, feesten en sportevenementen.
Al deze vormen van behandeling kwamen op de diverse afdelingen voor, maar er waren verschillen.
Zo was het Sint Jozef paviljoen gericht op badverpleging en observatie. Het had een operatiekamer, een inrichting voor permanente badverpleging en serres voor TB-patiënten. Het Sint Vincentius paviljoen was voor de zeer onrustige patiënten, bedoeld voor langduriger verblijf met training in het dagelijkse leven; het kende één grote en twee kleinere werkplaatsen. Het Sint Paulus was met name bedoeld als psychopaten-asiel en had om die reden extra stevige constructies van ramen en deuren. Het Sint Aloysius paviljoen had de functie van woonruimte voor de rustiger patiënten. Het Sint Cornelius paviljoen was de huisvesting voor epileptici, onrustigen en verstandelijk gehandicapten. Het Glorieux paviljoen (ook wel sanatorium genoemd) was de plaats voor observatie en kortdurende behandeling van patiënten die op vrijwillige basis (zonder rechterlijke machtiging) kwamen.
De jaren '60 brachten diverse veranderingen: er was mede door maatschappelijke ontwikkelingen meer aandacht voor het individu en ook werden andere behandelmethodes gebruikt. De tot 1960 verplichte gestichtskleding maakte plaats voor persoonlijke kleren. Een soortgelijke ontwikkeling speelde zich af in de leef- en woonruimte van de patiënten: grote zalen werden vervangen door eigen kamers, bij voorkeur in laagbouw. De grote gebouwen, waar men in de grote groep ten onder kon gaan, voldeden niet meer: er moest gebouwd worden op menselijke maat. Nieuwe paviljoens werden gesticht, die vanaf 1980 in gebruik werden genomen. Er werd meer gebruik gemaakt van verschillende vormen van de psycho-therapeutische behandelmethode, ondersteund door moderne somatische middelen.
In de jaren '90 vond een verschuiving plaats van het behandelen van patiënten in grote intramurale instellingen naar kleinschalige extramurale voorzieningen in de regio. Achterliggende gedachte is de 'vermaatschappelijking', namelijk psychiatrie en maatschappij dichter naar elkaar toe te brengen.
Er is nog altijd een hevige discussie gaande: wanneer kan een gedwongen opname plaatsvinden, wanneer mag iemand in een gesloten afdeling worden geplaatst, zijn vrienden, familie, buurtbewoners in staat om mensen met psychiatrische problematiek zelf op te vangen, waar zijn patiënten en samenleving bij gebaat, wat zijn doelmatige behandelmethodes, wat is goede hulpverlening?
|